November 2009 — review — The Long-lost Art of Becoming Invisible

musicfrom.nl — El Pino & The Volunteers - 'The Long-lost Art Of Becoming Invisible'

Eindelijk is daar de langverwachte opvolger van ‘Molten City’ uit 2006. Drie jaar hebben de heren van El Pino & The Volunteers er over gedaan om nieuw materiaal zo te krijgen dat het goed genoeg bevonden werd om er de tweede full-length van te maken. En het resultaat is een prachtige indiepop-plaat geworden.

Waar de voorganger tegen de americana aan schuurde is opvolger ‘The Long-lost Art of Becoming Invisible’ meer pop georiĆ«nteerd en zoekt de band, weliswaar goed gedoseerd, het experiment op. In Katwijk aan Zee is de cd opgenomen met hulp van producer Reyn Ouwehand en een aantal gastmuzikanten. Onder andere Janne Schra van Room Eleven en Kyteman violist Sietse van Gorkom brengen hun bijdrage aan het album.

Meteen valt op dat er meer genre verbreding in het spel is van de Pino’s. Opener ‘Wake Up’ en in het midden van de tracklist horen we in ‘Right On’ heuse Elliott Smith gelijkenissen. Breekbare zang, intieme gitaar en ondanks het orkestrale tintje in ‘Wake Up’ blijft het iets kleins hebben. Op ‘Dust And Doubts’ horen we het typische El Pino geluid van de vorige plaat weer terug. Vrolijke gitaar, heerlijke melodie, een hele subtiele steelgitaar en een meezing refrein. Op het eind van het nummer zingt er zelfs “een koortje” mee wat het nummer naar een climax brengt, voor zover je het een climax mag noemen in zo’n mooi kabbelend nummer. Ook swingt het album, met bijvoorbeeld ‘There’s No Cure For Stupidity’ of ‘Don’t Look At Me ‘Cause I Don’t Know’ welke een bijna jazzy break in het midden heeft, te gek nummer. De recensent zal altijd refereren naar eigen kennis en deze recensent hoorde op een bepaald moment Radiohead als gelijkenis. Het nummer ‘Black And Blue’ is voor El Pino begrippen redelijk “hard”. Een rollende ritmesectie en gitaar-distortion die schaars is bij de band. Daarover heen de heerlijk melodieuze zang van David waardoor ‘Black And Blue’ de favoriet is van ondergetekende. Thom Yorke zou ‘m geschreven kunnen hebben.

De inbreng van gastvocaliste Janne in ‘Not Jealous’ is een onverwachte combinatie, maar des te verrassender. Waar bij een band als this beautiful mess bijvoorbeeld de stemmen van Lydia en Arjen heel goed bij elkaar passen, kleuren de stemmen van Janne en David ook perfect bij elkaar. Bij ‘The Minute I Let Go’ gaan de Rotterdammers weer terug naar hun roots. Dat nummer zou zo van het debuut af kunnen komen. Weinig tot geen negatieve kritiek tot nu toe. Toch is het titelnummer en afsluiter ‘The Long-lost Art Of Becoming Invisible’ een soort van instrumentale losse flodder. Het nummer is een orkestrale kopie van ‘Wake Up’ en is qua arrangement echt geen misser, maar wel enigszins een ‘makkelijke’ twaalfde track op het album. Toch nemen we dat voor lief, want de elf daarvoor zijn uitstekende indiepop liedjes die in een kleurrijke verzameling het nieuwe album van El Pino & The Volunteers tint geven.

Een nieuwe plaat, een gedeeltelijk nieuw gezicht, een nieuwe drummer, een nieuwe tour. El Pino & The Volunteers gaat een mooi jaar tegemoet. Laten we niet meer over eindlijstjes beginnen, want de concurrentie van goede albums van Nederlandse bodem is dit jaar al tot een behoorlijk aantal gestegen. De liefhebber van de betere pop zal met deze nieuwe Excelsior plaat in ieder geval geen miskoop begaan.

Jos

source